Avondje Brugge, op bezoek bij Adrie Koster

Eind oktober 2011 trekt het nieuws aandacht dat trainer Adrie Koster is ontslagen als trainer van Club Brugge, een grote club die jaarlijks meedoet om de prijzen in de Belgische Jupiler Pro League. De oefenmeester, afkomstig uit Zierikzee, wordt bedankt voor zijn diensten. Zoals de algemeen directeur van Club het verwoordt: “Eerst en vooral heeft Koster de doelstelling niet bereikt. We hebben de rol gelost. Koster is een gentleman-coach die soms het beste voetbal in België kon brengen, maar je moet ook resultaat neerzetten”. Brugge kent dus geen genade voor Koster.

Op zich baart het nieuws geen opzien. De voetbalwereld heeft als gemeengoed geaccepteerd dat de trainer wordt geslachtofferd als de resultaten tegen vallen. Ook Adrie Koster ontkomt niet aan dit scenario. Nog niet vaak is hem dit in zijn lange carrière overkomen. Hij is enorm ontgoocheld maar niet verrast.

Hij zal zijn appartement aan de Vlaamse kust weer inwisselen voor zijn thuisbasis in het Brabantse Nuenen. Misschien even een uitstapje naar zijn heimat Zierikzee. Of toch even de sfeer van Brugge proeven, varend op de reien, de Brugse stadaderen, om te genieten van de charme van het eeuwenoude stadje vanaf het water. Of een bezoekje aan het romantische Minnewater waar de tijd heeft stil gestaan. Brugge heeft zoveel moois te bieden maar Adrie Koster heeft daar nu even geen oog voor.

De maegere jongen uit Zierikzee deed in zijn jeugd aan atletiek en turnen, werd Zeeuws kampioen ver springen bij de pupillen. Als actief voetballer viel Koster in 1977 al snel op en schopte hij het via zijn club Zierikzee tot het Zeeuws elftal. De basis was gelegd, de overstap naar het profvoetbal niet zo ver meer.
Zierikzee-trainer en mentor, Gerard Olijhoek, was voorzichtig. Adrie koos toch het ruime sop. Via RODA JC en PSV haalde hij het Nederlands elftal. Een doodschop in 1981 betekent einde actieve carrière. Koster wierp zich niet onverdienstelijk op het trainersvak. Veel Nederlandse clubs nam hij onder zijn hoede, hij zat op de bank bij Ajax en besloot nu zijn geluk te beproeven bij onze zuiderburen.


Novemberavond
Op een frisse novemberavond in 2009 trekken cameraman Mark van Leijden en ik naar het stadje om een reportage te maken over Adrie Koster. Juist omdat het in onze ogen een opmerkelijke stap was om in Vlaanderen aan de slag te gaan als trainer. Hij liet de jeugdopleiding van Ajax achter zich en wilde iets nieuws beginnen. Koster is enkele maanden bezig met zijn nieuwe klus. Een telefoontje met broer Leen Koster leert mij dat er geen Zierikzeese aanhang aanwezig is vanavond. Leen bezoekt vrijwel nooit wedstrijden van zijn broer om de doodeenvoudige reden dat ”hij dan toch geen tijd heeft”.
Adrie heeft wel binding met Zierikzee, de verjaardag van zijn ouders is een vast moment om met de familie bij te praten. Koster is ook niet te beroerd om terug te keren bij zijn oude maatjes als er een reünie op stapel staat.

Zijn foto hangt met trots in de plaatselijke voetbalkantine op Den Hogen Blok, omdat hij het als voetballer en trainer zover heeft geschopt. Ooit stond hij op het punt met “mister Zierikzee” Kees Verkaart een proefwedstrijd te spelen bij Feyenoord maar het bestuur van Zierikzee stak daar een stokje voor. Zierikzee kon namelijk kampioen worden. Het liep dus anders.
Nu staat de pers uit België hier op de stoep. Wie is Koster? Zierikzee-icoon Nico Timmerman vertelt het verhaal. Nico kan dat als geen ander en is al jaren betrokken bij deze club uit Zierikzee.


Brugge
We melden ons bij de ingang van parkeerterrein en worden meer dan hartelijk welkom geheten door de controleurs in dat zoetgevooisde Vlaamse taaltje. Met de wens van “een zeer prettige avond” rijden we verder en doemen de contouren op van het Jan Breydelstadion, tegen de achtergrond van de reportagewagens van de Vlaamse televisie. We gaan op zoek naar onze contactpersoon van Belgacom zodat we snel weten op welke wijze we vanavond kunnen werken. Het doel is namelijk om een item te maken over Adrie Koster in Brugge.
Hoe het gaat lopen weten we nog niet, maar dat maakt het altijd weer bijzonder. Kunnen we spelers te spreken krijgen, hoe gaan we het organiseren? Steeds meer voorbijgangers wensen ons een prettige avond. Nou, dat moet het zeker gaan worden. Vriendelijkheid staat hoog in het vaandel. Het voelt heel vertrouwd, het voelt goed.

We lopen door de catacomben van het Jan Breydel, het stadion genoemd naar een voormalig Brugse verzetsstrijder. Door de ramen in de gang zien we het veld liggen, beschenen door de stadionlampen waardoor het gras veel groener lijkt. Ondanks dat het stadion nog leeg is, ademt het nu al sfeer uit. Een toevallige ontmoeting met een jonge supporter levert niet direct het antwoord op de vraag waar we naar op zoek zijn. Terwijl we dezelfde gang teruglopen horen we de jongen luid boeren, het klinkt in stereo in de betonnen gewelven. Na enkele seconden gevolgd door een goed bedoeld “pardon”.

Na een zoektocht ontdekken we een velours gordijn. We schuiven het voorzichtig open en komen in een grote ruime. Hier moeten we zijn. Een zaal met een deels ingerichte ruimte voor de persconferentie, glazen vitrines met clubattributen, een enorme fotoposter van een speler in het shirt van Club Brugge en achter in de zaal een groep cameramensen die een briefing krijgt.


Onze man
Luc Verweirder is de man die zich bij Brugge bezighoudt met communicatie, PR en ombudsdienst. Een behulpzame man met de telefoon in zijn hand die voortdurend rinkelt.

We zijn van harte welkom en met een welgemeend “prettige avond” zijn we binnen de kortste keren voorzien van een speciale escorte van een andere Luc die ons op de plaats van bestemming brengt.
Een speciaal plateau op de tribune, tussen het publiek, waar de camera geplaatst kan worden. Onderweg naar deze spot, moeten er veel poorten en deuren open en “den Luc” heeft van alles de sleutel. De compartimentering is zeker nodig zegt hij, “want die van Antwerpen sporen niet helemaal”. Tegenstander van vanavond voor Club Brugge is Germinal Beerschot Antwerpen.
We hebben onze stek gevonden en maken een inschatting hoe het verder kan gaan lopen. Want de dug-outs en de spelerstoegang liggen tegenover ons, aan de overkant van het veld.

Gezien de ruime tijd tot aan de aftrap gaan we terug voor het plein voor het stadion waar de vette lucht van frites en hamburgers overheerst. Hier verzamelen de supporters van Brugge zich en kunnen we materiaal verzamelen voor onze reportage. Lof, niets dan lof, spreekt men over die Zeeuw, Adrie Koster. Hij heeft de Bruggenaren weer lef durven tonen, iets wat ze zo nodig hebben. “Mijnheer Koster heeft ons weer durven hopen. Hij laat Brugge met durf spelen.”
Een supporter loopt zelfs met een blauwzwart clubshirt met rugnummer 12 en de naam Koster er op. Ik merk ook dat er veel mensen uit Zeeuws-Vlaanderen zijn, omdat Brugge op bereikbare afstand ligt voor het bezoeken van een wedstrijd. Ze zijn hier vaste supporter. De hamburger is vet, zuur en overdadig overgoten met mayonaise.
De helft van mijn vette hap gaat in een rolemmer, collega Mark neemt er nog één….


De wedstrijd
De wedstrijd staat op het punt van beginnen. In de verte komt Adrie Koster uit de catacomben. Voordat hij zijn plaats inneemt in de dug-out trekt hij aan zijn sokken. Een echt voetbalgebaar. We hebben hem close in beeld en blijven hem volgen. Beelden van de wedstrijd mogen niet worden gemaakt. Dus is Koster anderhalf uur onze focus. We zien in de Brugse opstelling Ryan Donk (ex AZ) en Wesley Sonck (ex Ajax).

Wat een geweldige ambiance, opgezogen worden in de flow van de meelevende toeschouwers direct om je heen. Je bent voor deze avond één van hen. De scheidsrechter krijgt de term “amateur” naar het hoofd geslingerd bij een, in de ogen van het thuispubliek, onjuiste beslissing. Bestaat dit echt, gebruiken ze geen ander scheldwoord?
Ik knijp even in mijn arm en zowaar krijg ik het gevoel dat ik het weer leuk ga vinden in een stadion. Hoe anders is dit geweest na ervaringen in Nederland met ronduit asociaal volk om je heen. Zelfs een onbedoelde krachtterm die bij een oudere man ontsnapt, klinkt hier in het Vlaams heel anders, veel zachter.

Dan gebeurt er iets opmerkelijks. In de 23e minuut begint het complete stadion in Brugge, dus ook de aanhangers van Antwerpen, tot mijn verbazing te applaudisseren. Ze gaan staan, gevolgd door een massaal gezongen: “You’ll never walk alone”. Kippenvel tot achter mijn oren.
Later hoor ik wat er aan de hand is: De 23e minuut komt overeen met het rugnummer 23 dat ooit werd gedragen door Brugge-spits en international François Sterchele, die eerder in Antwerpen speelde.

Hij kwam vorig jaar om het leven toen hij de controle over het stuur verloor van zijn Porsche Cayman S en tegen een boom terecht kwam. “Volgens de verkeerskundige van het parket met een onaangepaste snelheid”. Nu begreep ik ook wie de speler is op de enorme poster staat in de persruimte: François Sterchele.

Club Brugge verliest op de valreep met 1-2 en eindigt de wedstrijd met 10 man. omdat Alcaraz rood krijgt. Dat moment willen enkele toeschouwers nog wel eens zien op onze camera maar collega Mark treedt kordaat op. Het is niet de bedoeling dat er iemand het plateau betreedt en zowaar: er volgen geen scheldpartijen, maar begrip.

De persconferentie
Na het laatste fluitsignaal komt “den Luc” ons ophalen en loodst ons bijna onnavolgbaar terug naar de persruimte. Dit betekent dat het niet mogelijk is ons aan de andere kant van het stadion te melden voor, bijvoorbeeld, een gesprek met spelers. Het is een gedwongen keuze. We schuiven nu aan bij de persconferentie waar opvallend weinig vragen worden gesteld.
Adrie Koster meldt zich na afloop direct bij ons, want Omroep Zeeland is voor hem gekomen. Ik feliciteer hem met zijn verjaardag van een week eerder. Hij mompelt dat ik daar wel wat laat mee ben. Adrie is exact twaalf dagen ouder dan ik.

Ok, Adrie, de camera loopt en we maken het gesprek. Het grootste deel van de pers schrijft driftig mee. Zo kun je eenvoudig wat quotes optekenen. Koster zit nog helemaal in de wedstrijd en beantwoordt, soms met een zucht, vragen over zijn keuze om in België trainer te zijn.
We spreken na afloop nog over onze eerdere ontmoetingen. Toen Adrie met het Rotterdamse Excelsior op Schouwen-Duiveland kwam spelen. En zijn broer Leen trainer was van de tegenstander, de Schouwse selectie. Twee broers tegenover elkaar op één veld. Dat was mooi om mee te maken.
Zo gaf hij ook een gasttraining bij onze dorpsclub op een zaterdagochtend in de regen. Toen was hij nog trainer van het Limburgse Roda JC. Mijn interview met Adrie was destijds als clubman in een andere context.

We hebben het item te pakken, vooral ook door het toevoegen van de reacties van de supporters. Een fijn gevoel, we gaan richting Nederland. En daar krijgen we met twee achtereenvolgende alcoholcontroles te maken. Geen probleem, mijn avond kan niet meer stuk.
De montage van het TV-item in de studio wordt een feest.

 

Brugge, november 2009

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *